De tweedelige tentoonstelling in het Düsseldorfse Kunsthaus K21 legt meteen de complexiteit en eigenzinnigheid van Isa Genzken als persoon en kunstenaar bloot. Haar oeuvre is niet voor één interpretatie vatbaar en telkens wanneer ze het gevoel krijgt leesbaar te worden, buigt ze, met een zekere punkattitude, haar praktijk om. Belangrijk voor Genzken is dat de toeschouwer de marge heeft om zelf associaties te maken en de ruimte krijgt om haar werk in volle ongebondenheid te interpreteren. Interviews geeft ze daarom zelden. Waarom dat zo is, kan je terugvinden in haar geestig filmwerkje Warum ich keine Interviews gebe (2003), waarin ze concludeert dat ‘het afnemen van interviews het tegenovergestelde is van kunst maken’. Gevraagd naar haar benadering van hedendaagse kunst zegt ze dat ‘de noodzaak om zulke vragen te beantwoorde…